Individual Notes

Note for:   Pieter Barteles Cats,   1820 - 5 JAN 1890         Index

Occupation:   
     Place:   Winkelier te Nijehaske


Individual Notes

Note for:   Franciscus Willem Pieters Holkema,   19 JAN 1702/03 - 30 MAY 1764         Index

Occupation:   
     Place:   Ned. herv. predikant te Cornwerd; hier is ook een gedenkbord met wapen.Vanaf 13 juli 132 te Makkum.

Individual Note:   Frans P. heeft voor dominee gestudeerd aan de Hoogeschool te Franeker. Hij verbleef daar nog toen zijn ouders in 1725 overleden en kreeg op verzoek Claes Oldendorp, koopman te Sneek, als curator toegewezen, zoals blijkt uit een akte d.d. 13.9.1725 in het autorisatieboek R3, luidend:
"Het gerecht der steede Sneek, gehoord het verzoek van Franciscus Holkema, oud in 't 22e jaar, nagelaten zoon van Pieter Fransen Holkema ende Minke van der Leij, zijn wijlen olderen, en het consent van Claes oldendorp, burger kopman binnen Sneek, in dezen .... het den ... voornoemd geautorizeerd tot curator over den .... en om dezelfve curatele wel en getrouw te bedienen, heeft den behoorlijken eed gepresteerd in handen van den presideren de burgemeester Rinzo Wijbinga enz. enz."

Nadat hij als dominee was afgestudeerd werd hij op 31.7.1732 beroepen in Makkum en Cornwerd.
Hij trouwde op 15.5.1732 te Grouw met Hylke Klases, dochter van Klaas Siebrens en Jetske Siemens. (Over l.g. familie tot nu toe geen nadere kinderen bekend).
Blijkens het Quotisatiecohier Makkum 1748 (een eenmalige belasting) bestond het gezin van Frans (later aangeduid als Franciscus) Holkema toen uit:
3 personen boven 12 jaar oud - dit moeten Frans, echtgenote en Minke zijn;
2 personen beneden 12 jaar oud - dit moeten zijn Jetske (1737) en Pytter (1746).
Zij hadden in 1748 dus 3 kinderen; Pytter is de stamvader van de verdere Holkema's, over Minke en Jetske heb ik nog geen verdere gegevens.

Ten behoeve van de b.g. belasting werden de gezinnen betr. hun welstand gewaardeerd. Deze waardering luidde voor het gezin van Frans Holkema: "niet begoedigt F 2500".
In het b.g. Quotisatiecohier van Makkum trof ik ook nog aan een Claes Pytters ("gemeen koemelker F 2000 met vrouw en 1 kind beneden 12 jr."). In verband met de mogelijkheid, dat het hier om de jongere broer van Frans zou gaan, heb ik in deze richting wat verder gesnuffeld, maar geen enkele nadere aanwijzing in die richting gevonden. Wel bleek het, dat er in Makkum heel wat personen afstammend van een "Pytter" voorkwamen, zodat de b.g. veronderstelling waarschijnlijk wel niet juist zal zijn.

N.B. In het kerkje van Cornwerd hangt nog een schild van Ds. Frans Holkema met de tekst :
""Kornwerd 1740 Franciscus Holkema leeraar tot Mackum & Cornwart alsmede derde kerkvoogdt Ano 1740 "".
Hervormde kerk in Cornwerd

Deze kerk is, hoewel dat op het eerste gezicht niet te zien is, in eerste instantie 13e eeuws. Na wijzigingen in de 14e en 16e eeuw is de kerk in 1898 voorzien van een nieuwe toren. In 1916 zijn het schip en het koor ommetseld en kreeg de kerk zijn huidige uiterlijk. Tot de inventaris behoren een preekstoel met doophek (1740), vier wapenborden (1740) en een door L. van Dam en Zn. Gebouwd orgel (1865).


Individual Notes

Note for:   Jetske Holkema,   1737 -          Index

Baptism:   
     Date:   22 DEC 1737
     Place:   Makkum


Individual Notes

Note for:   Pyttie Holkema,   1741 -          Index

Baptism:   
     Date:   15 JAN 1740/41

Individual Note:   Geboren op 15 jan 1741

Individual Notes

Note for:   Pieter Fransen (Pytter Franss) Holkema,   ABT 1675 - 9 SEP 1725         Index

Baptism:   
     Date:   22 NOV 1698
     Place:   Staveren

Occupation:   
     Place:   Meester blok-en mastmaker,ook houder van koeien.

Individual Note:   Pieter Fransen en zijn gezin verhuisden in januari 1702 van Staveren naar Sneek,waar hij "buiten het Hoogend"een mast-en blokmakerij startte.

Pieter Fransen en zijn vrouw vestigden zich na hun huwelijk eerst in Stavoren. Waarschijnlijk heeft Pieter, die evenals zijn vader houtbewerker was (mast- en blokmaker), bij zijn vader gewerkt en na diens overlijden het bedrijf voortgezet. Hij deed zijn belijdenis in de kerk te Stavoren op 22.11.1698, dus nadat hij reeds in Sneek in de kerk was getrouwd. Minke, zijn vrouw, werd in Stavoren als lidmaat ingeschreven op 26.5.1699.

In januari 1702 verhuisden Pieter F. en zijn vrouw naar Sneek. Volgens het burgerboek aldaar, zijn ze daar vanuit Stvoren op 28.1.1702 binnengekomen ("juratis"). Op 26.4.1703 werden ze als lidmaat van de geref. kerk te Sneek ingeschreven.

Pieter F. had in Sneek een mast- en blokmakerij "buiten het Hoogend", waar hij ook woonde. Daar ook ten tijde van Pieter F. familienamen nog praktisch niet genoemd werden, was ik blij hem in enige hypotheekakten aangeduid te vinden als Pieter Fransen Holckema, wat dus wederom een bevestiging was, dat het ook hier om de juiste persoon ging. Hij trouwde, zoals boven wordt genoemd, met Meijnke (ook aangeduid als Minke) Daniëls van der Leij, dochter van Daniël van der Leij, medisch doctor te Sneek en Meijncke Sydses van Schagen. Aan het eind van dit hoofdstuk enige verdere gegevens over deze familie.

Pieter F. en zijn vrouw kregen waarschijnlijk 6 kinderen. Behalve omtrent Frans heb ik over de andere kinderen tot nu toe geen duidelijke gegevens kunnen vinden. Wel vond ik hun namen in enkele gevallen in doop- en trouwinformaties:
(trouwboek Geref. kerk Sneek nr. 667):
1) 26.04.1738: getrouwd Lubbe Gerrits "op 't Heerenveen en Aeltie Pyters van der Werft te Sneek
2) 2.02.1740: Claes Pyters en Pytronella de Vries te Sneek
3) 23.12.1743: Claes Pyters -Hagiens tot Sneek en Froukjen Hendriks Weidkamp tot Bergum

Opm.: waarschijnlijk zijn de onder 2 en 3 genoemde Claes Pyters niet identiek, o.a. vanwege de toevoeging (ter onderscheidig Hagiens, maar ook omdat betr. een overlijden van Pytronella niets te vinden is; tenslotte zie hieronder 3.
(dopen in Sneek -doopboek geref. kerk no. 660):

   
1) 26.01.1740: gedoopt Grytje, dochter van Haring Jacobs en Mincke Pyters;
2) 2.03.1740: gedoopt Lammert, zoon van Andries Lammerts en Aeltje Pieters; dit is ongetwijfeld een andere Aeltje dan de hierboven als getrouwd met Lubbe Gerrits genoemde??
3) 25.02.1743: gedoopt Trijntje, dochter van Claes Pyters en Pyternelle Barths. Deze zullen zeer waarschijnlijk identiek zijn met het hierboven onder 2) als getrouwd paar. (De Vries is Pyternelle's familienaam; Barth de naam van haar vader). Het blijft echter onzeker of deze Claes identiek is met de zoon van Pieter F. In het speciecohier Sneek 1748 (belasting) komt voor een Claes Pyters, wonend in de "Scharn"; in soortgelijke cohieren van 1750 en 1752 komt hij echter op dat adres, niet meer voor.

N.B. Uit de boedelinventarisatie, die na het overlijden van Pieter F. en zijn vrouw werd opge-maakt, blijkt, dat er afgezien van Frans nog 4 kinderen waren, zodat waarschijnlijk één van de andere kinderen inmiddels overleden was. (Volgens een gevonden "losse" notitie, die ik niet bevestigd kon vinden, was Feijke Pyters in 1739 overleden. In de officiële boeken, vond ik noch hieromtrent, noch betr. overlijden van één van de andere kinderen iets )

Zoals hierboven vermeld, had Pieter F. een mast- en blokmakerij. Daarnaast oefende hij blijkbaar ook het boerenbedrijf uit, zoals uit de inventarisatie na zijn dood blijkt, waarin o.a. 10 melkkoeien worden genoemd. Hij huurde daarvoor ook diverse percelen grasland van de Diaconi. Behalve een huis met schuur en timmerwerkplaats "buiten het Hoogend", waar hij dus met zijn gezin woonde, bezat hij nog een woning in de Galigastraat, door meerdere huurders bewoond. Was dit misschien door vererving verkregen van zijn vrouw's zijde en/of zou zijn moeder na de dood van zijn vader (resp. toen Pieter met zijn gezin naar Sneek verhuisde), daar gewoond hebben?

Uit de b.g. inventarisatie, die op 13.9.1725 plaats had, blijkt overigens, dat de financiële positie van Pieter F. niet sterk was:
totaal profijtelijke staat
(o.a. huysinge, schuur, timmerhuys buiten het Hoogend,
huys in de Galigastraat, 10 melkkoeiencar. glds. 1537. 2.12
totale schulden 1720.13. 8
te kortcar. glds. 183.10.12

In het overzicht van schulden komt o.a. een vordering voor van de medicus J. van Hasenhoek, waarbij vermeld wordt, dat Pieter en zijn vrouw overleden zouden zijn aan "blis" koorts. (Ik heb tot nu toe bij verschillende artsen tevergeefds geprobeerd uit te vinden wat voor ziekte dat geweest kan zijn).
Tenslotte onderstaand een opgave van de in de hypotheekboeken van Sneek gevonden akten betrekking hebbend op Pieter F.:
    6.09.1719- Pytter Fransen (Holckema), mr. blokmaker en Minke van der Leij buiten het Hoogend te Sneek, bekennen schuldig te zijn aan:
     Age Doedes, scheepstimmerman te SneekC.Glds. 500
16.6.1720- idem....
     Age DoedesC.Glds. 250
    3.05.1721- idem....
     Age DoedesC.Glds. 500
   
    3.05.1721- idem....
     Age DoedesC.Glds. 250
14.7.1721- idem....
     Gerben Jacobs, mr. kuiper en houtkoperC.Glds. 64,14
    8.01.1723- idem.... erkent bij strijkgeld gehuurd te hebbben van de
     voogden van het Burger-Weeshuis te Sneek:
     a) ruim 8 pondemaat "los" land buiten 't Hoogend
     b) 5 ½ pondemaat idem gelegen bij Memerts achter Tijnga
26.10.1724 - idem....
     Sije Gerrits, mr. grofsmid en koopmanC.Glds. 200
13.07.1724 - idem.... verklaring betr. nog te betalen aan Jacobus de
     Wit, koopman te Amsterdam, wegens koop van houtC.Glds. 135

Tenslotte onderstaand de door mij gevonden gegevens betr. de familierelaties van Meincke Daniëls van der Leij, de vrouw van Pieter Fransen Holckema (een en ander ontleend aan het Stamboek van de Friesche Adel van de Haan en Hettema. De gegevens staan vermeld onder de familie Tietema).

Feijcke van der Leij - kamerbode ter Admiraliteit te Dokkum; huwde aug. 1626 met Antje Tijmens;
     1. Claes van der Leij, chirurgijn te Tzummar
     2. Willem van der Leij, chirurgijn te Arum, huwde Antje Sjoerds Beijnthema
        Kinderen:
a) Claes, chirurgijn Arum, overl. 17??
b) Feijcke, chirurgijn en dorpsrechter te Wirdum, overl. 3.8.173? (geen kinderen)
c) Seert, chirurgijn St. Anna Parochie
    3. Daniël van der Leij, ged. Dokkum 30.6.164?, medisch doctor te Sneek, huwde Meijncke Sydses van Schagen, Sneek, te Franeker 27.4.1673
        kinderen:
a) Minke - Huwde Pieter F. "Holcama"
kinderen:Franciscus
Feijke (overl. 1739)
Antje
?...
betr. andere kinderen geen gegevens
4. Jan van der Leij, kamerbode Admiraliteit te Harlingen.

Verschillende leden van de familie van der Leij "beneficieerden van de Tietema-leen. Ook aan Franciscus Holkema werd die toegewezen:
(Bijlage Siv. Sent. Hof van Friesland 707-4 van 27.10.174? .... verklaart Ds. Franciscus Holkema van Makkum, dat Johannes Clasen, in leven bakker te Dokkum, en zijn moeder Minke Daniëls van der Leij, in leven vrouw van zijn vader Pieter Holkema, volle neefs kinderen en also "agterzusterlingen" zijn geweest. Zij zijn rechthebbende in het Dr. Douwe Tietema-leen gesticht 11.10.1528.)

Individual Notes

Note for:   Meijncke Daniels van der Leij,    - 7 AUG 1725         Index

Baptism:   
     Date:   23 DEC 1674
     Place:   Sneek


Individual Notes

Note for:   Aaltie Pieters Holkema,    -          Index

Baptism:   
     Date:   4 MAR 1707/08


Individual Notes

Note for:   Frans Willems Holkema,   1647 - AFT 1697         Index

Baptism:   
     Place:   3 jan 1647 Bolsward

Occupation:   
     Place:   Stoel en wieldraaier; maakte o.a. scheepsblokken in Staveren. Later chirurgijn te Haarlem (1666-1667) en in Sneek.

Individual Note:   Frans Willems vanaf 1675 de enige overlevende nakomeling in mannelijke lijn van zijn grootvader Jacob Gijsberts.
Aanvankelijk vond ik, o.a. in publikaties van Roorda, Halbertsma en anderen slechts weinig informatie en het heeft me veel tijd gekost om meer en juistere gegevens te verkrijgen. Het betrof met name de volgende punten:
a)waar bleef Frans W. na de dood van zijn ouders?
b) waar en wanneer trouwde hij en met wie? (Volgens de genoemde bronnen zou hij omstreeks 1675 in Stavoren getrouwd zijn; naam van de echtgenote was echter niet bekend).
c) waar en wanneer is hij overleden? (Volgens de b.g. bronnen was hij eerst stoel- en wieldraaier te Stavoren en daarna chirurgijn te Sneek; betr. overlijden geen informatie).
d) welke kinderen waren er? (b.g. bronnen vermeldden alleen een Pieter, geb. ca. 1675 te Stavoren.).
Zoals reeds gezegd, heb ik na veel gezoek wat nadere bijzonderheden gevonden, die in het onderstaande zijn verwerkt.
Uit een autorisatieakte van 30 oktober 1666, waarin de benoeming van een curator voor Frans en Jacob W. na het overlijden van hun moeder werd geregeld, blijkt, dat Frans in die tijd te Haarlem verbleef, waar hij een opleiding voor het "wieldraaiersambacht" volgde. Mogelijk is hij niet lang daarna naar Leeuwarden vertrokken, waar zijn oom van moeder's zijde Assuerus Fransen de Ringh, gemeensman en mr. bakker, woonde, die de curator over Frans en Jacob was. Na het overlijden van deze oom werden bij akte d.d. 9 maart 1668 als curatoren aangesteld Gerrijt Douwes Twellinga, gemeensman te Bolsward en Jan Lubberts Ostel, schooldienaar te Kimswert.

Wat betreft de verdere levensloop van Frans W. gaf na lang zoeken een akte uit het Weezenboek te Bolsward d.d. 12 april 1675 nieuwe aanknopingspunten. Volgens deze akte was Jacob W. kort tevoren overleden en werd de definitieve afrekening van zijn onder het beheer van het weeshuis staande geld met Frans W., die zijn enige erfgenaam bleek te zijn, geregeld. (De afrekening met Frans was zoals gebruikelijk gedaan bij zijn meerderjarigheid, dat was toen als je 25 jaar werd ) Uit deze akte bleek, dat Frans W. op dat moment in Arum woonde. Helaas hadden mijn verdere pogingen aan de hand van dit gegeven aanvankelijk geen resultaat, aangezien over die periode geen kerkelijke gegevens van de betr. gemeente meer bestaan. In de gerechtelijke archieven van Wonseradeel vond ik echter een hypotheekboek, waarin een op 4 mei 1671gedateerde hypotheekakte voorkwam, waarbij
Frans Willems en Eelck Pieters, echtelieden, woonachtig te Arum, verklaren schul-dig te zijn aan Trijntie Dirks Broersma
400 Caroliguldens, met als onderpanden:
1) de huysinge van Hille Sweerts "nu" bewoond door Claes Heerts;
   
2) de huysinge te Arum door gen. echtelieden bewoond.
Hieruit bleek dus duidelijk, dat Frans W. destijds in Arum woonde en gehuwd was met Eelck Pieters. Door het ontbreken van de betr. kerkelijke boeken kon ik geen verdere gegevens vinden betr. de huwelijksdatum, de afkomst van Eelck en de geboorte van hun kinderen.

Onderzoek in Stavoren had mij al eerder de overtuiging gebracht, dat Frans daar inderdaad heeft gewoond en wel vanaf juli 1675. Hiervoor verzamelde ik de volgende aanwijzingen:

a) volgens het z.g. "Burgerboek" van Stavoren is een zekere Frans Willems daar op 1.7.1675 als burger binnengekomen (samen met een Jurrien Willems, die ik nog niet heb kunnen thuisbrengen, maar die in ieder geval geen broer geweest kan zijn).Helaas werd daarbij niet, zoals gebruikelijk was, zijn herkomst (Arum) vermeld. In dat geval zou mij veel gezoek bespaard zijn gebleven.
Dat het hier inderdaad om "onze" Frans Willems ging vond ik in eerste instantie bevestigd in een rekeningenboek (Nr. 82) van Stavoren, waarin onder 7 oktober 1680 de volgende post voorkomt:
"betaald aan Frans Willems de somma van 2 gld. 15 stuivers ter zake van geleverd pockholten schijven en nagels aan de stad, geleverd volgens rekening en kwitantie nr. 40".

b) in een lidmaatslijst van de geref. kerk te Stavoren, opgemaakt in juli 1681, komt in het Noorderkwartier onder andere voor:
volgnr. 335 - Frans Willems
volgnr. 336 - Eelck Pieters
(Dit had mij reeds doen vermoeden, dat Eelck Pieters de echtgenote van Frans W. was, maar het in zulke gevallen gebruikelijke verbindingswoordje "en" werd hier niet vermeld).
Opm.: in dezelfde lijst komt ook de b.g. Jurrien Willems voor, samen met zijn vrouw Siouck Jans.

c) Een bevestiging van het vertrek van Frans W. uit Arum vond ik onlangs nog in een hypo-theekboek van Wonseradeel betr. 1675, waarin een akte van 19 juni 1675 betr. verkoop van een huis en loods door Frans Willems Holckema Mr. wieldraaier te Arum, aan Sjoerd Reijns Tolsma.

Wat betreft kinderen van Frans W. en zijn echtgenote zou volgens een gepubliceerde kwartierstaat en volgens genealoog Roorda er een zoon Pieter zijn geweest, geboren in Stavoren omstreeks 1675. Halbertsma, alsook de naamlijst van de ned. herv. predikanten, vermelden als zoon van Frans W. een Willem. (Laatstgenoemden wijzen Willem aan als vader van de latere Ds. Frans Holkema, wat echter niet juist is, zoals verderop zal blijken). Mijnerzijds heb ik van geen van de kinderen van Frans W. een doopaankondiging kunnen vinden, wat verklaarbaar is, aangezien ze waarschijnlijk in Arum zijn gedoopt, waar geen kerkelijke gegevens meer van bestaan.

Met name betr. Pieter werden echter meerdere gegevens gevonden, waarbij de vermelding van zijn achternaam Holckema in enkele hypotheekakten in Sneek de bevestiging vormde, dat het hier inderdaad om een nakomeling van Frans Willems ging. (Hierover meer in het volgende hoofdstuk)

   
In de lidmaatboeken van de geref. kerk te Stavoren vond ik:
aangenomen Nov. 1696Aaltje Fransen (belijdenis)
aangenomen 22.01.1697Willem Fransen
aangenomen 22.11.1698Pieter Fransen

Ik acht het waarschijnlijk, dat het hier inderdaad de kinderen van Frans Willems betreft:
1. Aaltje- genoemd naar de moeder van Frans W.
2. Willem- genoemd naar de vader van Frans W.
3. Pieter- genoemd naar de vader van Eelck..

N.B. Op 30.9.1703 huwden te Stavoren Aeltien Frans en Jan Gerrits, beide van Stavoren. Was dit misschien b.g. Aaltje?

Betr. het overlijden van Frans Willems heb ik ondanks uitvoerig speuren noch in Stavoren noch in Sneek iets concreets kunnen vinden.
In het oude stadsarchief van Stavoren bevindt zich een "speciecohier" (= belastingstaat) van 1690 (dossier 133), waarin o.a. voorkomen:
Frans Willems2.-.-
Jurrien Willems1.2.-
terwijl in een eveneens in archief Stavoren voorkomend "register van goedtschattingen binnen Stavoren voor 1696" (= een soort vermogensbelasting ten bedrage van 1,1% onder "personen die weex twee en en ..... kunnen geven" wordt genoemd:
Frans Willems weduwe 2.12.-.

Wanneer het hier inderdaad om de weduwe van "onze" Frans Willems gaat - en m.i. is dat praktisch zeker - moet hij tussen 1690 en 1696 overleden zijn. Mijn conclusie is dan ook, dat in tegenstelling tot andere puclikaties Frans Willems in Stavoren is overleden en niet naar Sneek is vertrokken, noch aldaar als chirurgijn heeft gewerkt. (Ondanks uitvoerig onderzoek heb ik in Ssneek in het geheel niets betr. Frans Willems gevonden, ook niet in het burgerboek, waarin de toegelaten burgers worden vermeld).

Wat zijn vrouw Eelck Pieters betreft, vond ik in een speciecohier van Stavoren over 1713 (de tussenliggende ontbreken) haar naam nog eens vermeld (nu echter als Eelck Pieters en niet als Frans W.'s weduwe). Ook in een beluidensboek (registratie van "beluidingen" i.v.m. overlijden) van Sneek (nr. 652) komt een Eelck Pieters voor, die aldaar op 24.12.1708 zou zijn overleden. Ook al zou deze laatste "onze" Eelck Pieters zijn geweest, dan behoeft dat er nog niet op te duiden, dat ook Frans W. in Sneek zou hebben gewoond. Immers haar zoon Pieter (zie het volgende hoofdstuk) vertrok uit Stavoren naar Sneek in 1702 en het is niet ondenkbaar, dat Eelck, die toen volgens onze gegevens dus al lang weduwe was, met hen meegegaan is, resp. hen later gevolgd is. (Binnenkomende vrouwen werden in de burgerboeken niet vermeld).

N.B. Zoals uit een afrekening van het Weezenboek, Bolsward d.d. 7.6.1667 blijkt, kwam aan Frans en Jacob W. na het overlijden van hun moeder en van hun neef Salvis (zoon van Gijsbert J.) een bedrag van ca. Car. Glds. 2000,- toe, dat blijkbaar door de curatoren (Assuerus Fransen de Ringh en Jan Ostel onder toezicht van het Weeshuis werd beheerd. Enkele details uit deze afrekening volgen hierna:

   
opbrengst winkel en ijzer "kramerijen (blijkbaar verkocht aan
Claes Geerts Minsma)F 546. 5. 0
afrekening gehouden boelgoed 1332. 7. 0
huishuur v. Willem Jansen, mr. kleermaker 48. 2. 0
idem. kamerbewoner ...... 8. 8. 0
idem Griet, bewoonster achterkamer (blijkbaar behoorde tot
de erfenis dus ook nog een eigen huis) 8. 8. 0
erfenis Salvis Gijsberts 309. - . 0
diversen 19.13. 0
__________
     2272. 03. 8

uitgaven o.a.:
sterfhuis Aaltje Fransen (hun moeder)F 2.10. 0
idem 1. 9. 0
8 dagen verzorging "pestilentiale doodzieke" Aaltje Fransen 8. 0. 0
4 dg. diensten betr. sterven Assuerus Willems (één v.d. kinderen) 3. 0. 0
diensten in ijzerkraamwinkel 5.19. 0
kosten notaris Hylckema 13. 6. 0
Hiltje Sweerts (moei van Frans en Jacob) 6. 0. 0
apotheek 26.18.9
timmerman: 4 "doodvatten" 55. 0.0
winkelier 7.12.8
apotheek 22. 1. 0
kosten inventarisatie enz. 48. 1. 0
chirurgijn Gerrit Riemersma, Bolsward 20. 6. 9
Martini parochie kerk: Aaltje Fransen (6) en 3 kinderen (3x3)
Frans en Jacob verloren met hun moeder ook alle 3 hun broers
en zusters) 15. 0. 0
grafmaker 5. 0. 0
lichten en weer leggen van grafsteen 6. 0. 0
enz. enz.

Uit de berekening bleek voorts, dat Jacob W. vanaf Allerheiligen 1666 bij zijn oom in Leeuwarden woonde en dat ook Frans in de loop van 1667 (na terugkeer uit Haarlem?) daar zijn intrek nam.

Individual Notes

Note for:   Eelck Pieters,    - AFT 1697         Index

Baptism:   
     Date:   3 JAN
     Place:   3 januari 1647


Individual Notes

Note for:   Willem Jacobs Holckema,   1609 - 14 JAN 1662/63         Index

Occupation:   
     Place:   Koopman van o.a. ijzerwaren. Had een ijzerwinkel in Bolsward. Burger hopman.

Individual Note:   Willem Jacobs was het laatste kind van Gijsbert Jacobs en is de stamvader van de verdere Holkema's.Hij was in 1648 lidmaat van de ned. herv. kerk.

Willem, kennelijk genoemd naar zijn grootvader van moeder's zijde, was dus de jongste zoon van Jacob Gijsberts. Van beroep was hij koopman (hij had o.a. een winkel in de "ijzerkramerij"); tevens was hij "burger hopman".
Uit de boeken van de hervormde kerk blijkt, dat hij en zijn vrouw eerst op latere leeftijd als lidmaat werden aangenomen:
29.07.1648 - aangenomen (nieuweling) Aeltie Franses, huysvrouw van Willem Jacobs.
11.11.1648 - idem Willem Jacobs, Merckstraete.
Mogelijk was Aeltie van huis uit nog katholiek (in de boeken van de hervormde kerk te Har- lingen, noch in Leeuwarden, noch in Bolsward hun huwelijk in de kerkboeken is te vinden. Ook een gerechtelijk huwelijk heb ik in genoemde plaatsen niet gevonden. (Huwelijken in de katholieke kerk waren niet toegestaan in die tijd).

Het gezin van Willem Jacobs woonde in de Marktstraat te Bolsward. Zij kregen waarschijnlijk 7 kinderen. De eerstgeborene, Frans, is de stamvader van de verdere Holkema's. Pier, gedoopt op 25.3.1651, moet jong overleden zijn, daar een later (25.10.1659) gedoopt kind dezelfde naam ontving.
Willem Jacobs stierf 14 januari 1663 (54 jaar oud dus), terwijl zijn vrouw, samen met 3 van haar kinderen, in oktober 1666 aan de pest ten offer viel, dus tijdens dezelfde epidemie, die ook haar zwager Gijsbert Jacobs en zijn vrouw velde. Na de dood van Aeltie Fransen waren van de kinderen alleen nog Frans en Jacob in leven, zoals uit diverse akten blijkt. Hun oom, Assuerus de Ringh, vroedschap en mr. bakker te Leeuwarden, werd hun curator.

Frans en Jacob kwamen onder toezicht van het Weeshuis te Bolsward. Uit diverse afrekeningen daarvan blijkt, dat Jacob langdurig ziek is geweest en in juli 1670 naar Franeker werd gebracht om daar "gecureerd" te worden. Hij had daar o.a. logies en bewassing bij een zekere Cornelis Willems; ook zijn er verschillende afrekeningen van een geneesheer Van der Meer aldaar. Uit een laatste afrekening van het Weeshuis te Bolsward d.d. 12 april 1675 blijkt, dat Jacob W. kort voordien overleden is. Frans bleef dus als enige nakomeling van Willem Jacobs - en daarmede als enige ons bekende stamhouder van de Holkema's over. (Om voor mij onduidelijke reden werd Frans als eerste kind naar zijn moeder's vader genoemd en niet, zoals gebruikelijk, naar de vader van zijn vader.

Individual Notes

Note for:   Frans Jacobs de Ringh,   ABT 1575 -          Index

Occupation:   
     Place:   Burgemeester van Leeuwarden